Al in de middeleeuwen tekende iemand het recept voor krentjebrij op. Ook wel gordegruwel, gruwelwotter of wottergruwel genoemd. Watergruwel: dat klinkt best smerig. Toch gaan er in dit recept alleen maar échte pareltjes.
Ik herinner me dat we in mijn jeugd altijd bessen en bramen plukten met mijn opa en oma. Mijn oma maakte daar de lekkerste eigengemaakte jam en ook parelsoep van. Helaas overleed mijn oma veel te jong. Ze was nog maar 67. Maar haar liefde voor bessen plukken leeft voort in de familie. Nog steeds plukken haar kinderen en kleinkinderen, bessen, bramen en cranberry’s en maken ze jam en parelsoep.
Krentjebrij als maaltijd of toetje bestaat dus al een paar eeuwen in Nederland. In Groningen, Friesland en Drenthe staat het bekend onder de minder aantrekkelijke naam watergruwel. Bij ons thuis noemen we het parelsoep.
In deze soep gaan alleen échte pareltjes
Anders dan je zou denken is gruwel niet afkomstig van gruwelijk, of het werkwoord gruwelen. Het woord heeft een Engelse achtergrond. In die taal bestaat nog steeds het woord ‘gruel’. Daar bedoelen de Engelsen een dunne pap mee. Dunner dan ‘porridge’. Bij porridge denk ik aan pap waar je lepel rechtop in blijft staan. In parelsoep – wat betreft een beter passende naam dan watergruwel – blijft je lepel zeker niet staan.
De ingrediënten
In de oorspronkelijk versie van krentjebrij of watergruwel zitten naast gort, ook krenten, rozijnen en bessensap. De versie die mijn oma maakte is anders. Zij deed er geen krenten en rozijnen in. Helemaal naar mijn smaak, want krenten en rozijnen zijn niet mijn favoriet. In deze parelsoep gaan alleen maar échte pareltjes. Rode bessen, witte bessen, zwarte bessen en kruisbessen.
- 125 gram zwarte bessen
- 150 gram witte bessen*
- 150 gram rode bessen
- 100 gram kruisbessen
- 50 gram parelgort
- 1,5 liter water
- 1,5 theelepl kaneel
- 150 gram suiker
*Als je geen witte bessen hebt, kun je ook 300 gram rode bessen gebruiken.
Een heerlijk verkoelend toetje.
Hoe maak je het?
Ris alle bessen van de takjes en spoel ze schoon in een zeef. Doe ze met alle andere ingrediënten en het water in een pan en breng aan de kook.
Laat 20 minuten koken en roer af en toe door. Laat de soep daarna afkoelen en bewaar in de koelkast.
Ik eet de soep het liefst koud. Op warme dagen is het een heerlijk verkoelend toetje.
